|
|||||||||||||||||||||||||||||
| home | Marcos Desta | |||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
Marcos Desta
|
|||||||||||||||||||||||||||
![]() |
|||||||||||||||||||||||||||||
Twee weken geleden ben ik naar deze tijdelijk ruimte aan de Czaar Peterstraat verhuisd. Mijn zaak in Ethiopische koffie- en theespecialiteiten is in 2007 in dezelfde straat op nummer 130 geopend. Hopelijk ga ik over anderhalf jaar terug naar die plek. Drie jaar geleden was al bekend dat er gerenoveerd zou worden en dat de huisvesting tijdelijk zou zijn. Ik heb toen een risico genomen. Ik zou drie keer moeten investeren: bij vestiging in de Czaar Peterstraat, bij verhuizing naar een tijdelijke lokatie en als ik straks weer terugga. De planning van de renovatie is uitgelopen en dat kost alle ondernemers in de straat geld. Eigenlijk zou dit jaar alles klaar zijn. De aangeboden, alternatieve lokatie op de Veemarkt heb ik geweigerd. Dat is een industrieterrein, daar lopen mensen niet spontaan binnen. Gelukkig ik heb nu toch een tijdelijke ruimte in de Czaar Peterstraat gevonden. Ik ben niet al te ver weggegaan, de hele buurt weet me nog te zitten.
Vóór Kaffa heb ik Buna Bet, een Ethiopische koffiewinkel in de Van Woustraat, mede opgezet. In 1987 kwam ik als vluchteling naar Nederland. Nadat ik Nederlands had geleerd, ging ik bedrijfseconomie studeren. Na drie jaar bij Buna Bet wilde ik voor mezelf beginnen. Ik wist dat het heel vermoeiend, maar ook heel bevredigend zou zijn om mijn eigen zaak te hebben. De start in deze buurt was iets makkelijker dan die in de Van Woustraat: ik woon al 15 jaar op Oostenburg, woon samen met een Nederlandse vrouw en mijn kinderen gaan naar de basisschool Oostelijke Eilanden (BOE). Mijn eerste klanten waren de vaders en moeders van de kinderen uit hun klas. De leraren van die school kwamen hier ook koffie halen. Dat was een goede introductie. Daarna kwamen ook anderen. Ik ken de meeste mensen dus persoonlijk uit de buurt. Ik heb veel vaste klanten, die drinken alleen maar mijn koffie. Ze zijn een beetje verslaafd. In augustus ga ik altijd een maand met vakantie. Ik waarschuw mijn vaste klanten van tevoren, zodat ze een voorraad kunnen inslaan. Enkelen komen helemaal uit de Pijp, anderen fietsen langs. Dit is een goede route. |
Ik heb ook veel reclame gemaakt, veel gefolderd bij voordeuren. Ik houd het overzichtelijk: een goed logo, een herkenbare tuk-tuk. Dat was trouwens een goede vondst. Ik zette dat karretje overal neer: drie dagen hier, drie dagen op de Kadijken, zodat iedereen 'm zag. Sinds 1 januari mogen brommobielen niet langer op de stoep geparkeerd worden. Ze moeten nu net als gewone auto’s op een parkeerplaats. Dus heb ik nu een parkeervergunning, die weer 25 euro per maand kost. Toch is het nog altijd goedkoper dan een gewone auto, want je betaalt geen wegenbelasting. En gelukkig kan ik vaak een parkeerplaats delen met mijn buurman, die een kleine auto heeft. Jammer genoeg is de vergunning niet geldig als ik mijn koffie en thee in andere delen van het centrum en in Oost lever. Ik parkeer 'm dan meestal op de stoep om te laden en te lossen. Dat gaat eigenlijk altijd goed.
Ik heb veel tijd en geld geïnvesteerd in mijn zaak en op zich gaat het redelijk goed. Maar het stoort me wel eens dat mijn verhaal door anderen wordt aangehaald als succesvol voorbeeld van de Czaar Peterstraat, terwijl ik alles zelf heb gedaan, zonder hulp van instanties.
|
||||||||||||||||||||||||||||
![]() |
|||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|||||||||||||